05 mei 2007

Deel 28, Samsara op de Med (april 07)

De eerste week van april staat vooral in het teken van de voorbereidingen voor ons vertrek uit Barcelona. In Nederland begint het mooie weer en bij ons een aantal dagen met regen. Dat hebben we deze winter nog niet meegemaakt. Het zijn wel mooie dagen voor de laatste klusjes aan boord maar slecht weer voor de proviandering. Rietje wil naar een “Toko” voor div. kruiden. Ze heeft mij al een aantal keren uitgelegd waar de winkel is. Uiteindelijk besluiten we er naar toe te wandelen. Het is wel ver, maar dan hebben we in ieder geval ook weer onze dagelijkse wandeling gemaakt. Als we er uiteindelijk aankomen, blijkt de winkel vanwege verbouwing gesloten te zijn….Als troost bezoeken we een bar en eten wat Tapas. Op de wandeling terug ontdekken we bij toeval een andere toko. Die heeft weliswaar niet alles wat ze zoekt maar in ieder geval wel een deel. Vooral in het binnenland blijft het hard regenen en op tv (Ned. Teletekst) zien we dat diverse Spaanse rivieren overstromen.
Om het verslag op de site van Samsara bij te werken gaan we naar een Bar/Internetcafe.
Hans van de Colombe (hij zal meedoen met een wedstrijd Mallorca v.v.) zit er ook met zijn crew. Dat is erg gezellig en daarom blijven we iets langer dan gepland…….!
Op zondag wordt er geen NET gehouden (een dagelijks praatje op de marifoon) en daarom kondig ik al op zaterdagmorgen aan dat we waarschijnlijk zondagmorgen zullen vertrekken.
Voor zaterdagmiddag hebben we een duiker laten komen voor het onderwaterschip. We verwachtten hem in duikpak maar hij verschijnt in zwembroek +T-shirt.
Koud? “Ja, maar een duikpak huren is duur”.
Hij haalt steeds weer diep adem en keer bij keer maakt hij resp. de schroef, en de boeg- en hekschroef schoon. Zo, we zijn klaar voor vertrek. De weersvooruitzichten en de zee-status zijn redelijk goed dus besluiten we de volgende dag inderdaad te vertrekken.
Later in de middag doen we een rondje “afscheid nemen” en dan blijkt dat elk scheiden weer doet lijden….Met diverse lieden op de haven hebben we na twee winter-periode’s toch een bepaalde band opgebouwd.
Zondag 8 april (1e Paasdag) gaan we eerst naar Port Olympic waar we 1001 lit. diesel tanken (het lijkt inderdaad wel een sprookje, alleen het afrekenen niet….). We plannen op onze tocht naar het Noorden zoveel mogelijk havens aan te doen waar we op de heenweg niet geweest zijn. In Premia de Mar, de eerste haven die we aandoen, krijgen we een telefoontje dat Rietjes nicht (54) haar strijd tegen kanker heeft verloren…..
Normaal krijgen we twee achterlijnen en als we vertrekken gooi ik de achtertouwen los, wacht even tot ze gezonken zijn en varen we weg. Dit keer hadden we één achterlijn die ik vanwege de windrichting aan de andere kant achterop had vastgemaakt.
Daarom ga ik de volgende morgen voor het losgooien speciaal achter op het zwemplateau om het zinken van de lijn beter te kunnen controleren. Ik vaar heel langzaam achteruit en plotseling roept Rietje “de lijn komt strak”. Onmiddellijk realiseer ik mij dat de lijn op de één of andere manier aan de boot vastzit. Als ook de motor afslaat is het duidelijk dat de lijn in de schroef zit.
Motor wel direct weer gestart om boeg en hekschroef te kunnen gebruiken. Als de mieter de Dingy gedropt en Rietje met een hele lange lijn naar de steiger laten roeien. Gelukkig waait het niet al te hard en zo kunnen we met hulp van de Japanse buurman de boot met de door Rietje gebrachte lijn weer terug trekken op zijn plaats. Ondertussen is ook de havenmeester met de Dingy er bij gekomen. Ik leg hem uit dat we een duiker nodig hebben. Hij kijkt op zijn horloge en zegt : “Die komt pas om 10.00 uur” (Toet, toet, dat is snel….). Als de jongere marinero inderdaad weldra arriveert, houdt hij mij terecht eerst een briefje voor met het tarief, of ik wel wil tekenen. Binnen een uur is alles opgelost en kunnen we alsnog vertrekken.
Op 2e paasdag liggen we in Port Balis. We moeten 45 min. lopen naar een bank om geld te pinnen en we hebben nog geen winkel gezien. Bovendien wordt er slechter weer verwacht en daarom gaan we de volgende dag direct weer door naar Arenys de Mar. Daar waren we 2jr geleden ook al geweest. Op Tv zien we dat in Nederland bijna hittegolf is maar wij hebben 5 dagen slecht weer met wind en regen.
De 5e dag is het wel droog maar het poeiert nog steeds over de haven. Na zes dagen kunnen we eindelijk weg. De zee heeft nog wel wat lange deining maar die deert ons niet. Op de heenreis konden we in Blanes niet in de jachthaven maar vanwege weekend hebben we toen in de vissershaven gelegen. Nu is er wel een plekje in de marina.
Van daar varen we naar Sant Feliux de Guixol waar we zowaar aan een vingerponton liggen, zonder geknoei met lange vieze achterlijnen. Langs een kust met hoge rotsen varen we meestal op een paar honderd meter van de wal. Zo is er altijd veel te zien. Onderweg vaart ons op afstand een zgn glassbottomboot voorbij. Op de golven zie ik met de kijker allerlei vissen springen. Een eind voor ons ontdek ik een rare speling van de golven. Op de kaart en plotter zijn, zelfs op heel grote uitvergroting, geen speciale objecten te zien. Dolfijnen misschien? Dichterbij gekomen blijkt het een onderwater rots te zijn dus als de donder de koers verlegd. Noch de plotter noch de papieren kaart geeft iets aan…!. Als er in de buurt geen golven waren geweest, veroorzaakt door een andere boot, had het heel anders kunnen aflopen……..l
De volgende dag bellen we met de “Gemeente haven” van Palamos maar: geen plaats! De daarop volgende haven ook niet. Daarna is een vrij lang stuk zonder een haven waar we in kunnen. Daarom besluiten we om dan toch maar de Marina (een 2e haven van Palamos) binnen te gaan. Omdat het maar voor één dag is krijgen we een plek bij de uitgang langszij een kade.
Als we Palamos verlaten staat er een knobbelig zeetje. Iets verder in zee varen op de motor twee zeiljachten in de zelfde richting en we lopen ongeveer even hard. Voorbij Cabo Begur wordt de zee iets rustiger en lopen we direct snel bij de jachten vandaan. Blijkbaar houdt Samsara meer van een vlakkere zee. We varen tussen Estartit (waren we 2jr geleden al geweest) en Isla Medes door en kunnen een plek krijgen in L’Escala. Na die periode van regen hebben we daarna eigenlijk alleen maar mooi weer en redelijke zee zodat we bijna overal maar 1 dag blijven en korte trajecten maken van 2-3 uurtjes varen. Als we L’Escala verlaten moeten we vanwege mist compleet op de plotter varen want land is nauwelijks te zien. Als we de pieren van Empuriobrava binnen varen wanen we ons plotseling in een soort combinatie van Giethoorn en Venetië. Één grote wirwar van kanaaltjes met zij-kanaaltjes. Het schijnt de grootste jachthaven van Europa te zijn met 5000 ligplaatsen.
Met een map in de hand verkennen we per fiets de haven komen bij een vliegveld waar blijkbaar Intern. Parachute wedstrijden zijn. +/- 15 man gaan in een vliegtuig en even later komen ze weer naar beneden vallen en landen voor je neus. Het Nederlandse gehalte wordt in deze omgeving al wel beduidend hoger. Na 2 dagen maken we een kleine oversteek naar Rosas waar we 1 dag blijven. Het weer is goed en we willen een paar dagen voor anker bij Cadaques (de woonplaats van Dali). Port Lligat wordt aanbevolen boven Cadaques maar als we de baai invaren staan daar grote borden: verboden de ankeren…. De zee is nog steeds kalm en daarom besluiten we maar direct de beruchte Cap de Crues te ronden. Net ten noorden van deze kaap varen we een baaitje in (Cala Culip) en wanen ons in een paradijs.
In de baai zijn 2 kleine strandjes met 2 vervallen huisjes. Bij één v/d strandjes is een stenen kade en voorzichtige verkenning leert dat er net een plekje is zonder onderwater rotsen.
Het schijnt een oud vakantiehuis te zijn geweest van Franco. ’s Avonds komt er een Engels jacht met een Vlaams sprekend echtpaar in de baai die diverse pogingen ondernemen om op anker met de achterkant naar de kade af te meren. Als dat na diverse pogingen en hulp van mij nog niet lukt, bieden we ze aan langzij te komen. Dat doen ze graag en eenmaal langszij wordt er naarstig gezocht naar stootwillen en landvasten…… typisch Belgisch….?
We blijven hier 2 dagen genieten van het mooie plekje en gaan dan verder naar Port de la Selva gelegen in een prachtige mooie grote baai. Via Llanca (nog Spanje) en Port Vendres (=Frankrijk, en hebben daarmee Spanje na bijna 2 jr weer verlaten) komen we in Argeles sur-Mer. Onderweg verrast Henk Hulst ons met een telefoontje. Hij was eigenlijk verkeerd verbonden. Vanwege Koninginnedag heeft Rietje Samsara voorzien van een oranje sjerp. ‘s Middags gaan we op onze fietsen naar het nabij gelegen plaatsje Collioure. Het is een hele klim door de bergen (45min fietsen) maar dat geeft ons wel een goed gevoel. Bovendien is het een prachtige plaats.